| In de winter heeft mijn vader een zwarte jas en een grote, zwarte snor. 's Avonds loopt hij met mij langs de grachten heel Amsterdam door. Er is oranje licht van de lantaarnpalen. Soms komt er een auto langs. Mijn vader heeft een warme hand. In de zomer is de jas wit en de snor eraf. Hij vertelt over Teheran, de geheime boekhandels en het verzet. Hij vertelt over de bergen. Over de bergen zijn wij gevlucht. |
Foto: Ania BienIn
Bron: Ontheemde kinderen
© Kempen Uitgevers, Eindhoven Airport 1994 |
|